WIE SJOEN

 

Of: Ralf en Mony in love  tijdens NS Zomertoer

 

Het miezerde net hard genoeg om de paraplu open te klappen. Het was bijna één uur en na een benauwende treinreis van tweeëneenhalf uur besloten we om op de St. Servaasbrug onze bammetjes op te eten.

 

Dit was dag twee van onze vakantie en na Texel deden we met onze Zomertoertreinkaart vandaag Maastricht en omgeving aan. We kochten een verjaardagscadeautje en twee boeken voordat we richting stadswallen togen. Vanaf de stadswallen bleek het een korte wandeling te zijn naar de Sint Pietersberg. Het was inmiddels droog geworden.

 

Onderweg liepen we een voetgangersbrug over die nog net niet door het wassende water overstroomd werd.

Op de brug zagen we het grappigste tafereeltje van die dag. Iets verderop in het beekje probeerden eenden uit alle macht het water over te steken maar de stroming was te sterk geworden. Met een luidruchtig gekwaak uitten ze hun wanhoop als de stroming ze tegen de brug dreigde te kwakken. Alle eendjes wisten gelukkig voortijdig het droge te bereiken. Toen onze blikken elkaar kruisten, schreeuwde dat om een kus.

Boven op de Sint Pieter besloten we om de grotten te bezoeken. Een écht goede gids leidde ons rond in de afgravingen onder het fort. Het was een Pietje Precies, want we bevonden ons in een afgraving: Nederland kent geen natuurlijke grotten.

"Mayday mayday"

 

 

Na de grotten gingen we met de bus naar Valkenburg. Na een wandeling door het centrum en langs de ruïne kregen we honger. Onder aan de lange trap van de ruïne bevond zich een charmante brasserie. Het broodje gezond, de tostie ham-kaas maar vooral het verwarmde buitenterras deden ons zichtbaar goed. Ze keek me plechtig aan toen ze antwoordde: "ik ook van jou".

 

 

Hierna gingen we op zoek naar iets uit mijn jeugd: een bobsleebaan die in de buurt van de Cauberg moest liggen. Op mijn twaalfde was een rit in deze bobsleebaan onwijs kicken. Na een pittige beklimming van bijna een half uur kwamen we erachter dat net als mijn jeugd ook deze bobsleebaan voltooid verleden tijd was geworden. Hij had plaats gemaakt voor een mooi slingerend dichtbegroeid wandelpad dat door toeristen blijkbaar nog niet ontdekt was.

Boven op de berg aangekomen 'ontdekten' we het kuuroord. Een statig nieuw gebouw dat vanaf onze positie eerder leek op het kasteel van de boze fee dan op iets dat mensen beter moest maken. Het was er wel heerlijk rustig.

Via de Cauberg liepen we naar het uit mergel opgetrokken station van Valkenburg. Het was iets over zeven toen we de trein naar Maastricht namen.

 

 

 

In de trein besloten we om Den Bosch nog even in te gaan. Wederom op een brug - dit keer de Wilhelminabrug - aten we onze value-meals van Burger King op. Ze lachte om een inmiddels vergeten grapje van mij. Niemand lacht zo leuk haar tandvlees bloot als zij.

 

We namen nog wat foto's van het centrum van Den Bosch waar studenten van de Kunstacademie hun creaties hadden tentoon gesteld. Rond elf uur kwamen we in Schemeren aan. De dag had bestaan uit kleine, leuke, onschuldige dingen.

En dat is nu precies waar geluk uit bestaat.

 

© Copyright by Ralf Dukker