9. Bijna    veertig (2)

 

 

Ik heb geluk gehad, zo realiseer ik me in de tandartsstoel. De tandpijn was vlak na terugkomst uit Canada uit het niets komen opzetten. Mijn enige kroon had waarschijnlijk een wortel geraakt, die nu een pijnlijke dood aan het sterven was. ‘Maar dat heeft ook een voordeel,’ zo vertelt de jeugdige blonde tandarts op zakelijke toon, ‘we zijn sneller klaar omdat u geen verdoving nodig heeft.’ Dat stelt me gerust, zeker omdat we zojuist pas hebben kennisgemaakt.
Terwijl ze op de gloednieuwe porseleinen kroon aan het inboren is, ga ik in gedachten terug naar Canada en mijmer over de uitzichten op de Saint Lawrence Rivier. Over de door de zonsondergang verlichte bergkust van Charlevoix, de zandbanken langs het Parc du Bic en het prachtige uitzicht vanaf het Bloemendaalse Ile d’Orléans.

Zonsondergang langs de St. Lawrence rivier

 


Gaspé vanaf de kustlijn

Eigenlijk is het geen rivier. De Saint Lawrence begint aan de oostkant als een baai die niet alleen toegang biedt tot walvissen, maar ook tot de grootste oceaanschepen ter wereld. Van schiereiland Gaspésie tot Québec Stad zou je het een rivier mogen noemen. Daarna wordt het steeds meer de Saint Lawrence Seaway, want de rivier is dermate gekanaliseerd en besluisd dat de grootste vrachtschepen er negen maanden per jaar doorheen kunnen. Deze Seaway is maar liefst 4300 kilometer lang en verbindt de Atlantische Oceaan en de Grote Meren op de grens van Canada en de Verenigde Staten die bijna de helft van het (oppervlakte) zoete water van de hele wereld bevatten.
In de tandartsstoel neem ik me voor om vanavond wat te googlen naar die prachtige rivier. Mijn parate kennis stokt bij het feit dat de rivier dateert van de laatste ijstijd en nog maar 5000 jaar oud is.

 

Elke winter vriest de bovenste laag van zoet water dicht, waarmee het ijs gemiddeld een meter dik is. Ik voel me even Cliff Clavin, postbode uit de TV-serie Cheers en wandelende encyclopedie van niet altijd even nuttige feitjes. Zijn uniform hangt in het postmuseum van het grote Musée de la Civilisation in Gatineau. En daar moesten we gewoon een foto van nemen.
De assistente, ook minstens tien jaar jonger dan ik, stopt een rubberdoekje in mijn mond en ik hoor hoe de tandarts haar influistert dat ze de allersterkste boor klaar moet leggen. Volgende maand word ik veertig. Ik voel me helemaal geen veertig. Mijn koerstijden dit jaar waren even snel als tien jaar geleden. Oké, de weelderige haardos van weleer is wat uitgedund en 3FM is ingeruild voor radio 2, maar verder dan dat en mijn huidige tanderosie schat ik mijn lichaam en geest eerder 27. Toevallig even oud als de tandarts en haar assistente.
Ik voel een lichte pijnscheut in mijn mond. ‘Oké, ik ben nu bij de kies onder de kroon,’ antwoordt ze droogjes. ‘En dan?’ probeer ik te zeggen, maar het van speeksel doordrenkte rubberdoekje houdt me tegen. Mijn vorige tandarts had de goede gewoonte om over elke behandelingsstap aan te kondigen, zodat je bijvoorbeeld wist, wanneer het pijn …..


Cliff Clavin's uniform

 

Het volgende moment schiet ik tegen het plafond.
‘Hé, dat deel van de wortel is niet dood. Verdoving, snel!’
Walvissen, Dukker! Denk aan walvissen! Die leuke witte Beluga’s bijvoorbeeld die je nauwelijks van de golven kon onderscheiden. Of die prachtige vuurtoren midden op het water tussen de rivier en de Saguenay-fjord? Ik had een foto gemaakt van een poster op de excursieboot die aantoonde hoe diep de rivier was en waar je de verschillende soorten walvissen kon tegenkomen. Iets wat me intrigeerde waren de afgebeelde niet ontplofte bommen op de rivierbodem die nog uit de tweede wereldoorlog dateerden.
De Duitse onderzeeërs voeren in 1942 doodleuk naar de Saint Lawrence Rivier, zonder een speciaal doel of het moest ‘shock and awe’ zijn, want de Canadese marine stelde nauwelijks iets voor.

 

De bewoners van Gaspésie werden doodsbenauwd als ze op de rivier explosies hoorden en de volgende dag lijken op de kust aanspoelden. En de media was destijds net zo mededeelzaam als de tandarts die bezorgd in mijn mond kijkt.
Bam! En weer voelt het alsof een bom op de bodem van de rivier in mijn mond is ontploft. ‘Zeg tegen de volgende patiënten dat we veertig minuten gaan uitlopen.’ Ik voel een kramp in mij linkerbeen opkomen. Logisch, want de afgelopen twintig minuten hing het gestrekt buiten de tandartsstoel.
Ik ben in Canada en geniet van de meren, de rivier en de prachtige bossen. Die boodschap probeer ik tevergeefs naar mijn hersenen te sturen. Mijn onderbewuste heeft helaas meer oog voor een kies rechtsonder. Uit de röntgenfoto bleek dat deze rijp is voor de volgende kroon. Mijn gedachten worden overstemd door de geluid van de boor. Hij doet me denken aan een zwerm muskieten en het rubberen doekje weerhoudt me om een diepe zucht te slaken.
Over twee weken word ik veertig.


Ergens in Percé

 

Naar deel 10: Quebec Stad

 

Naar deel 1 van bijna veertig

 

Oplossing foto
 vorig pagina:
het is een kano- of
kayakdroogrek !
 

© Copyright by Ralf Dukker