De wereld komt tot een eind!

 

 

 

‘When I woke up this mornin' I could have sworn it was judgment day.’ Prince schreef er een swingend nummer over. Nostradamus voorspelde het al en in 2007 mocht Al Gore voor zijn ‘wake up call’ over die ongemakkelijke waarheid de Nobelprijs in ontvangst nemen. Zijn boodschap: de wereld komt tot een eind! En nog belangrijker: we kunnen er nu nog iets aan doen!

Belaan was ook een onheilsprofeet. Zijn boodschap doet vandaag de dag wat belegen aan. Al het leven, zo voorspelde hij, komt tot een tragisch einde omdat de mensheid de natuur zal misbruiken. Vermoedelijk was Belaan halverwege de twintig toen hij dit aan Bacor, zijn vader vertelde. Die adviseerde hem het op een papiertje te zetten. Handig voor later. En aldus geschiedde.
Ruim drieduizend jaar later, in 1967, werd de rol van Belaan gevonden. Hiermee was hij ongetwijfeld de eerste eco-onheilsprofeet in de geschiedenis van de mensheid. Een fotootje van zijn schrift is daarom alleszins op zijn plaats.

 

 

 

Mony en ik bevinden ons in het in het archeologisch museum van Amman. ‘Klain maar fain,’ voegde de gids eraan toe en hij heeft meer dan honderd procent gelijk. De dode zeerol van Belaan is indrukwekkend, met als de Tyche en de in hoek weggemoffelde sarcofagen. Nergens in Nederland vind je cultuur die ouder is dan tweeduizend jaar. En nu staan we tegenover een muurschildering, inclusief muur, van zesduizend jaar oud!

In 1923 ontdekten Britse archeologen in de Jordaanvallei, zo’n tien kilometer noordoostelijk van de Dode Zee, Teleilat Ghassul (Tulaylât al-Ghassűl). Onderzoek leerde dat de gevonden lemen huisjes uit de protohistorie dateerden, de kopertijd of chalcolithicum om precies te zijn (NB: troost je, ik moest dit ook opzoeken).

Archeologie is een geduldig vak. Na vijftig jaar met kwastjes en minischepjes in de weer te zij geweest, stootte ene Stephen Bourke van de universiteit van Sidney in 1977 op deze wondermooie en goed geconserveerde muurschildering. Ook hier is relativering troef. De archeoloog ontdekte op deze muur maar liefst twintig verflagen, ieder met hun eigen afbeeldingen. Een voorproefje van het Archeologische Museum van Amman vind je hier.

 

Amman is inmiddels zeventien heuvels groot. Op de grootste of in ieder geval de meest strategische heuvel, struikel je bijna over de geschiedenis. De Ammonieten waren hier op de Citadel, net als de Perzen, Grieken, Romeinen, de Omayyaden natuurlijk, de Muzelmannen en in 1878 nog de Tsjetsjenen, op de vlucht voor de Russen. Ook op de vlucht waren Palestijnen in 1948 en 1967, en eigenlijk vandaag de dag nog.

Uit de foto blijkt dat de huidige bewoners temidden van de Romeinse ruďne vanavond weer uitgebreid gaan dineren tijdens de ramadan. Volgens een plaatselijke krant komt de middenklasse in Amman gemiddeld drie kilo aan tijdens deze vastenperiode. Met dank aan de schranspartijen iedere dag na zonsondergang.

Na de Citadel gingen we naar het Romeinse amfitheater. Het is tegen een heuvel aan gebouwd en heeft maar liefst zesduizend zitplaatsen. En daar zagen we een moslimstel flirten met minstens één nachtje eenzame opsluiting. In een kleine cel. Met zo’n veertig andere gevangenen.

 

Restanten van de Omayyd Moskee op de Citadel

 

Het Romeinse theater, bezien vanaf de bovenste rij

Naar deel 5 van de trip door 'Jordanië'

Terug naar intro Jordanië

© Copyright by Ralf Dukker