|
|
La Palma |
![]() |
1. Volksvijand nummer één
|
Vandaag gaan we ons leven op het spel zetten. Ons wandelpad loopt dwars over de Cumbre Vieja en volgens Britse wetenschappers kan elk moment zo’n vijfhonderd vierkante kilometer van dit deel van het eiland in zee storten. Dit zal gebeuren met een snelheid van 360 kilometer per uur en een golf veroorzaken met een hoogte van achthonderd meter. Wanneer deze golf het vaste land heeft bereikt zullen New York, Casablanca en alle andere kuststeden van de kaart worden weggevaagd. Ons wandeltochtje zou dus niet zonder risico’s zijn. En dat bleek te kloppen. |
![]() |
"Geachte minister, hierbij ontvangt u een afschrift van een wetenschappelijk artikel dat we binnenkort gaan publiceren. Wij delen u mede dat een slapende vulkaan op La Palma op het punt staat een megatsunami te veroorzaken die ook ons Londen gaat raken. Een nader onderhoud met u zouden wij bijzonder op prijs stellen.” Zo ongeveer luidde de brief die de Britse minister van wetenschap in de herfst van 2001 ontving van drie onderzoekers, Simon Day, Steven Ward en professor doctor Bill McGuire. Een jaar ervoor had een BBC-documentaire eenzelfde waarschuwing gegeven. De special effects zagen er apocalyptisch uit en het zaad der onrust was ontkiemd. Bill McGuire, één van de drie onderzoekers, had het zaadje in 1999 geplant. Destijds verscheen zijn boek ‘Apocalypse’ waarin hij onder meer een hoofdstuk had gewijd aan de megatsunami van La Palma. |
|
Andere hoofdstuktitels luiden 'A Guide to the End of the World : Everything You Never Wanted to Know' en ‘Surviving Armageddon: Solutions for a Threatened Planet'. Het onderzoek van Bill McGuire en zijn twee collega’s werd grotendeels gefinancierd door het bedrijf Benfield. En laat dat nu s‘werelds grootste onafhankelijke herverzekeraar zijn. Wie spint er garen bij de aankondiging van een naderende ramp? Wie zag zijn boek een recordoplage behalen? Welke drie wetenschappers geven tot op de dag van vandaag workshops over (het voorspellen van) natuurrampen? En de laatste: hoe laag kun je zakken als wetenschapper? Eind 2001 stelden Britse parlementsleden vragen over het naderende onheil. De minister beloofde zich in te zetten voor verder onderzoek. Niet lang daarna stopten de Britten met rechtstreeks vluchten naar La Palma. De Duitsers halveerden hun vluchten en het toerisme op La Palma kreeg een forse klap. De autoriteiten op La Palma zaten al die tijd niet stil. Sterker, ze ontzenuwden het Britse onderzoek en zijn sinds 1991 stelselmatig bezig om ‘de regelmatig aangekondigde ‘sensationele beweringen' over nieuwe periodes van magmavorming, veronderstelde erupties en mogelijke afglijding van het bergmassief van La Palma ‘te neutraliseren’. |
|
Deze autoriteiten hebben een gezicht gekregen: Juan Carlos Carracedo is verantwoordelijk voor het Departement voor Vulkanologie van de Canarische Eilanden. Op gezag van Carracedo is de Cumbre Vieja uitgerust met een monitoringssysteem. Het grootste deel van zijn tijd lijkt hij bezig te zijn met het weerleggen van apocalyptische theorieën.
Houden deze dan nooit op? Eind
2004, vlak na de Aziatische megatsunami, bestempelde Fox Television
tijdens een nieuwsuitzending La Palma als de nieuwe volksvijand nummer
één. Dat eiland zou binnen afzienbare tijd huis gaan houden op de
Amerikaanse westkust. Fox Television, het propagandistische verlengstuk
van de Republikeinse partij, had in één opzicht een vooruitziende blik.
|
|
|
lieftallige naam
Katrina zou in de vorm van een orkaan anderhalf jaar later New Orleans en
omgeving van de kaart vegen. |
Three seasons in one hour
|
La Palma is een vraagteken. Letterlijk. Wanneer je vliegtuig landt bij helder weer kun je het vraagteken ontwaren. In de bovenste helft van La Palma zie je de ronding oftewel de Caldera. Hij gaat over in een bijna rechte streep naar het tweede en jongste deel van het eiland. Die streep bestaat uit minstens 120 kraters en was vandaag ons doel, want wij gingen de vulkanentocht lopen. |
|
|
We waren de laatste groep van vandaag. Een goed teken volgens Gilles onze gids, want dan zouden we niet tussen twee groepen hoeven in te lopen. Dit vertaalde hij vervolgens in steenkolenduits voor de andere helft van de groep. Dankzij jarenlange blootstelling aan Rudi Carrell konden ze de gids nog volgen ook. Vanaf de kampeerplaats van Refúgio El Pilar ging het meteen steil omhoog. Het eerste uur was aangenaam pittig en we werden verblijd met een prachtig uitzicht op de Caldera en de rest van het hart van La Palma. Boven op de berg zagen we een praktisch rechtlopend platgetreden pad. Verdwalen leek moeilijk, zeker toen Gilles aankondigde dat het nu voornamelijk ‘immer gerade aus’ zou worden. We hebben dit jaar iets met vulkanen. In juli stonden we boven op de Etna en de Vesuvius en de jaren daarvoor zagen we in de Eifel en bij de Rocky Mountains menig kratertje. Ook nu weer gaf het lopen op een kraterrand mij vooral een veilig gevoel. Ik ging er vanuit dat net als bij de Etna ‘men’ er bovenop zat. Bovenop de Etna zagen we uit een busje studenten vulkanologie stappen. Ze laadden massa’s apparatuur uit en keken fanatiek naar één van de hoger gelegen kraters. We knikten beleefd naar hen en lazen een week later dat de Etna aardig wat lava had geproduceerd. Toeristen mochten het lava tot op vijf meter naderen, want de stroom werd ‘gestuurd’. |
|
Ook hier zat ‘men’ er bovenop. Men bestudeerde de Cumbre Vieja in Delft en concludeerde dat het goed zat. Men had hier – onzichtbaar voor toeristen – ongetwijfeld een arsenaal meetapparatuur staan en anders beschikte ‘men’ over een goed geoefend evacuatieplan. Alles moest wel onder controle zijn tijdens deze wandeltocht en daarom voelde ik me veiliger dan op een drukke snelweg. Binnen één moment zou dit geruststellende gevoel als sneeuw voor de zon verdwijnen. Dat de kraters keurig achter elkaar liggen is geen toeval. La Palma ligt op een zogenaamde hot spot en die zorgt voor een keten van vulkanen. Een hot spot omschrijven is al beangstigend. De hot spot in kwestie is namelijk een vaste plek van een toevoerkanaal van gesmolten gesteente, beter bekend als magma (of als het aan de oppervlakte komt: lava). Wanneer de hot spot het op zijn heupen krijgt, wordt het één grote pluim die vloeibaar gesteente spuugt. Het toevoerkanaal wordt ook wel de pluim genoemd en de gesmolten top de hot spot. Zo’n hot spot blijft dus op dezelfde plek liggen, maar de platen eronder schuiven over de magmabron heen. Boven de hotspot ontstaat een vulkaan die vervolgens wegdrijft met de langzaam bewegende plaat om te worden opgevolgd door een nieuwe vulkaan boven dezelfde hot spot. De hot spot poept er als het ware een keten van vulkanen uit. |
|
De hot spot en zijn toevoerkanaal zijn geen kleine jongens. Alle Canarische eilanden zijn namelijk ontstaan door één en dezelfde hot spot. De hoogste berg van de eilanden, El Teide, is het resultaat van de hot spot, zij het miljoenen jaren geleden. La Palma is van de negen eilanden het jongste en daarmee het ‘gevaarlijkst’. Maar dat kunnen we met een korreltje zout nemen. Toch? Gilles de gids leidde ons naar prachtige uitzichtpunten waarvan de foto meer zegt dan duizend woorden. De Hoyo Negro bijvoorbeeld. Het zwarte gat, ontstond tijdens de uitbarsting van 1949 en is inderdaad pikzwart. Aan de randen van de krater zorgden de dennenbomen voor een groene golf met een bruin randje; de naalden van de boom omcirkelden de grillig gevormde krater. |
|
|
Voor de Hoyo Negro wees Gilles ons op nieuw land langs de kust. Waar Nederlanders door de eeuwen heen gewend zijn land droog te leggen, wachten de Palmorezen op de volgende vulkaanuitbarsting. Grote kans dat de gestolde lava zorgt voor extra landtongen. Ook zagen we een brede scheur tussen twee bergtoppen. Er was een bruggetje overheen gebouwd en Gilles vertelde dat de scheur ieder jaar nog steeds acht millimeter breder wordt. Om bij dat bruggetje te komen moesten we door een wolk lopen. Het blijft een bijna surrealistische ervaring om ‘uit de wolk’ te lopen om daarna in het zonlicht te stappen. Maar bij de Hoyo Negro begon het te spoken. Het werd bewolkt en we haalden een Franstalige groep met pensionado’s in. We voelden de druppels en op het moment dat we onze regenjekkies uit de rugzak haalden was het weer droog. |
|
|
We hadden zojuist kennisgemaakt met de ‘three seasons in one hour.’ Het beste bewijs dat La Palma inderdaad een minicontinent is. En, nee, achteraf was het niet verstandig om in een korte broek te gaan wandelen, getuige de fleece truien, goretex jasjes en thermojacks van onze medewandelaars. De kou zou achteraf ons minste probleem worden. De wolken vertrokken even onverwacht als ze gekomen waren en vanaf de Hoyo Negro zagen we de Deseada opdoemen. Deze krater is niet alleen de hoogste van het hele spul maar kent ook de grootste wauw!-factor. We zouden nog zo’n dikke tweehonderd meter omhoog moeten klauteren voordat we op het hoogste punt van 1960 meter waren. Een mooie mijlpaal, want we waren iets onder de 500 meter begonnen. Ik liet me afzakken om foto’s te maken van de klauterende wandelaars. Wat ik toen door het fototoestel zag, deed me huiveren. Vlak buiten de kraterrand c.q. het wandelpad lagen diepe en ‘mensbrede’ scheuren die al mijn vertrouwen in de stabiliteit van La Palma deden wankelen. Dit was écht eng! Maar dan wel met een sensationeel randje. Naast de wauw!-factor bestaat er ook zoiets als de beklijvingsfactor. De majestueuze berg met zijn indrukwekkende en angst inboezemende scheuren bleven net zo lang beklijven als de tijd die nodig was voor het maken van de foto’s. Was het toeval of een onzichtbare hand die mij deed omdraaien? Feit was dat de drie seizoenen een mini-regenboog hadden gespannen over de Hoyo Negro. |
|
In de luttele minuten van haar bestaan vereeuwigde ik de regenboog, waarmee de beklijvingsfactor van de angst rondom de scheuren gereduceerd was tot de tijd die nodig is om deze laatste drie alinea’s te lezen. Schafttijd. We zaten onder een boom op een bedje van dennenboomnaalden in de vallei van de Lomo de la Manteca. Neuh, echt moe waren we nog niet. En die regen? Ach, waarschijnlijk weer zo’n buitje dat hoogstens een fotogenieke regenboog gaat produceren. We konden er niet meer naast zitten. Vanaf de vallei ging het praktisch alleen nog maar naar beneden. In de inmiddels stromende regen maakte Gilles ons lekker met de drankjes die ze schonken in het café van Los Canarios. Dat lag vijfhonderd meter lager en nog zo’n tien kilometer verderop. Een uur na de pauze kreeg de oudste deelneemster (we schatten haar op begin vijftig) last van alles en vooral haar knie. |
|
Ik had haar de afgelopen uren al moed ingepraat, terwijl haar dochter meer oog had voor de omgeving en zichzelf. Gilles schatte de situatie in en besloot bij haar te blijven. Samen met de tot inkeer gekomen dochter zouden ze in een gepast tempo de laatste drie uur volmaken. Voor de rest van de groep had Gilles een korte mededeling: het is nog steeds ‘immer gerade aus’ en we zien elkaar wel bij het cafeeke. Op dat moment ontdekten we dat onze bergschoenen in beperkte mate waterdicht waren. Onze gidsloosheid en de stromende regen leidden ertoe dat de koplopers niet meer besloten te wachten op de achterblijvers. Tot onze verrassing bleken wij tot die laatste groep te horen. De zwijgzame meerderheid die in de nabijheid van de gids had vertoeft had besloten een tandje hoger te schakelen en verdween – niet eens zo heel langzaam – uit het zicht. |
|
|
Terwijl onze schoenen zich vulden met
een mengsel van fijne lavasteentjes, regenwater, zweet en stukgelopen blaren,
probeerde ik in de beboste omgeving bij mijn eega de moed erin te houden (‘Wat
doet zo’n leuk meisje als jij bij een krater als deze?’). Het omslagpunt kwam
toen enkele Fransen ons begonnen in te halen. Eerder op de dag hadden wij hen
gepasseerd en het slechte weer had ook bij hen een tweespalt ingeleid. |
|
|
![]() |
![]() |
|
|
|
|
||
![]() |
![]() |
||
|
Zonsopgang El Teide vanaf La Palma Aeropuerto
|
|||
© Copyright by Ralf Dukker